|
Laatst gewijzigd op 9 februari 2011 Op 1 december 2011 werd het finale federale begrotingsakkoord Di Rupo bereikt. De dringendste maatregelen werden inmiddels opgenomen in de Wet houdende diverse bepalingen van 28 december 2011 (B.S. 30/12/2011). De belangrijkste fiscale federale maatregelen uit dit akkoord volgens de beschikbare informatie op 2 december 2011 en aangevuld met voormelde wet van 28 december 2011 werden onderstaand samengevat. Er blijft over een aantal punten nog onduidelijkheid bestaan. Een bijkomende wetgeving en/of administratieve toelichting dient hierin meer duidelijkheid te brengen.
1. Vennootschapsbelasting Afzonderlijke aanslagvoet van 25% voor de belasting van meerwaarden op aandelen die minder dan 1 jaar door de vennootschap worden aangehouden
Het tarief van de notionele intrestaftrek wordt beperkt tot 3% (en 3,5% voor KMO's)
Invoering van een "thin capitalisationregeling" – toepassing van een ratio van 1/5
Interne pensioenvoorzieningen (interne pensioentoezeggingen voor bedrijfsleiders)
Nieuwe berekening voordeel alle aard bedrijfswagen gaat gepaard met gedeeltelijke opname in de verworpen uitgaven
Lees meer
2. Personenbelasting
- Het voordeel van alle aard voor het privégebruik van een bedrijfswagen
- Voordeel alle aard gratis terbeschikkingstelling van woning aan bedrijfsleider quasi verdubbeld
- Aandelenopties onderworpen aan hogere belasting
- Wijzigingen in het tarief van de roerende voorheffing
- Aanvullende pensioenen
- Dienstencheques
- De belastingvrije som
- Omvorming aftrekbare uitgaven tot belastingvermindering
- Energiebesparende investeringen
Lees meer 3. Indirecte belastingen - Notarissen en gerechtsdeurwaarders zullen als gewone btw-plichtigen aanzien worden, en dus niet langer van een vrijstelling kunnen genieten
- Verhoging btw-tarief betaaltelevisie
- Verhoging van accijnzen op alcohol en tabak
- De beurstaks wordt verhoogd met 30%, alsook worden de maximumtarieven met 30% opgetrokken
- Een belasting op de omzetting van aandelen aan toonder in gedematerialiseerde aandelen of nominatieve aandelen
Lees meer 4. Andere maatregelen Verder werden er nog een aantal andere maatregelen aangekondigd: De nucleaire rente zou worden opgetrokken met 300 miljoen EUR;
Een reeks maatregelen ter bestrijding van fiscale en sociale fraude, met name:
een herwerking van de anti-misbruikbepaling waarbij een omkering van de bewijslast zou ingevoerd worden bij vermoeden van fraude, waardoor de fiscus transacties sneller kunnen herkwalificeren in (zwaarder) belaste operaties;
managementvennootschappen zouden worden geviseerd;
maatregelen tegen turbo-vruchtgebruikconstructies met strengere controle en nieuwe wetgevende initiatieven om de waarde van het voordeel in natura te bepalen;
betalingen in contanten zullen worden beperkt tot 5.000 EUR (nu nog 15.000 EUR) en zullen ook gelden voor de aankoop van diensten (nu nog beperkt tot goederen). Met ingang van 1 januari 2014 wordt dit bedrag nog verder beperkt tot 3.000 EUR;
bepaalde sectoren zouden strenger worden aangepakt (horeca, bouw, vleeshandel, schoonmaak, dienstchequebedrijven,..);
niet-betaalde boetes zouden via de aangifte worden geïnd.
5. Maatregelen die uiteindelijk niet werden ingevoerd Tijdens de begrotingsonderhandelingen zijn een aantal voorstellen van fiscale maatregelen op tafel gekomen, die uiteindelijk niet werden aangenomen: Er komt geen vermogensbelasting Geen veralgemeende belasting van meerwaarden op aandelen in de personenbelasting (de belastbaarheid aan 33% wanneer de criteria van normaal beheer privévermogen overschreden zijn, blijft evenwel behouden)
Geen verlenging van de detentieperiode van aandelen in het kader van het regime van de definitief belaste inkomsten (de zogenaamde "DBI-aftrek")
Geen beperkingen van de overdraagbaarheid van fiscale verliezen
Geen herinvoer van de investeringsaftrek voor KMO's
Geen regionalisering van de vennootschapsbelasting: de 5% belastingkrediet op het belastbaar inkomen (vennootschapsbelasting) op regionaal vlak, zoals vermeld in de nota Di Rupo, werd uiteindelijk niet weerhouden.
|