Bij het einde van
het boekjaar worden hierop de pro-rata van de kosten
geboekt, die reeds tijdens het voorbije boekjaar
werden betaald, maar die ten laste van het volgend boekjaar moeten worden
gelegd.
Op 1 oktober 200X
werd 900 EUR premie betaald voor de verzekering brand en diefstal voor de
periode 1 oktober 200X-30 september 200X+1. Per einde 200X bedroeg het gedeelte
van deze kost die betrekking heeft op het volgend boekjaar dus 900 EUR x 9/12 =
675 EUR.
Op 1 december 200X werd 2.250 EUR huur betaald voor de periode 1 december
200X-28 februari 200X+1. Per einde 200X bedroeg het gedeelte van deze kost die
betrekking heeft op het volgend boekjaar dus 2.250 EUR x 2/3 = 1.500 EUR.
Op 1 juli 200X werd 2.000 EUR betaald voor een abonnement op documentatie voor
de periode 1 juli 200X-30 juni 200X+1. Per einde 200X bedroeg het gedeelte van
deze kost die betrekking heeft op het volgend boekjaar dus 2.000 EUR x 1/2 =
1.000 EUR.
|
D |
490 |
Over te dragen kosten
(verzekering brand) |
675 |
|
|
D |
490 |
Over te dragen kosten (huur) |
1.500 |
|
|
D |
490 |
Over te dragen kosten
(documentatie) |
1.000 |
|
|
C |
612 |
Verzekering brand en diefstal |
675 |
|
|
C |
610 |
Huur |
1.500 |
|
|
C |
615 |
Documentatie |
1.000 |
|
D |
612 |
Verzekering brand en diefstal |
675 |
||
|
D |
610 |
Huur |
1.500 |
||
|
D |
615 |
Documentatie |
1.000 |
||
|
C |
490 |
Over te dragen kosten
(verzekering brand) |
675 |
||
|
C |
490 |
Over te dragen kosten (huur) |
1.500 |
||
|
C |
490 |
Over te dragen kosten
(documentatie) |
1.000 |
||
Bij het einde van
het boekjaar worden hierop de pro-rata van de
opbrengsten geboekt, die slechts in de loop van een volgend boekjaar zullen worden
geïnd, maar die betrekking hebben op het voorbije boekjaar.
Op 31 januari
200X+1 zal de onderneming de jaarlijkse interest ontvangen van een vordering,
voor de periode 1 februari 200X-31 januari 200X+1. Bedrag :
15.000 EUR. Per einde 200X bedroeg het gedeelte van deze opbrengst die
betrekking heeft op het voorbije boekjaar dus 15.000 EUR x 11/12 = 13.750 EUR.
|
D |
491 |
Verkregen opbrengsten |
13.750 |
|
|
C |
751 |
Opbrengsten uit vlottende activa |
13.750 |
|
D |
751 |
Opbrengsten uit vlottende activa |
13.750 |
|
|
C |
491 |
Verkregen opbrengsten |
13.750 |
|
D |
55 |
Kredietinstellingen |
15.000 |
|
|
C |
751 |
Opbrengsten uit vlottende activa |
15.000 |
Bij het einde van
het boekjaar worden hierop de pro-rata van de kosten
geboekt, die pas in een later boekjaar zullen worden betaald, maar die ten laste
van het voorbije boekjaar moeten worden gelegd.
Op 31 januari
200X+1 moet de onderneming de jaarlijkse interest betalen van een schuld voor
de periode 1 februari 200X-31 januari 200X+1. Bedrag :
15.000 EUR. Per einde 200X bedroeg het gedeelte van deze kost die betrekking
heeft op het voorbije boekjaar dus 15.000 EUR x 11/12 = 13.750 EUR.
|
D |
6500 |
Interesten |
13.750 |
|
|
C |
492 |
Toe te rekenen
kosten |
13.750 |
|
D |
492 |
Toe te rekenen
kosten |
13.750 |
|
|
C |
6500 |
Interesten |
13.750 |
|
D |
6500 |
Interesten |
15.000 |
|
|
C |
55 |
Kredietinstellingen |
15.000 |
Bij het einde van
het boekjaar worden hierop de pro-rata van de
opbrengsten geboekt, die reeds tijdens het voorbije boekjaar
werden geïnd, maar die betrekking hebben op een later boekjaar.
Op 1 december
200X ontvangt de onderneming een huur ten bedrage van
3.000 EUR voor de periode 1 december 200X-28 februari 200X+1. Per einde 200X
bedroeg het gedeelte van deze opbrengst die betrekking heeft op het volgend
boekjaar dus 3.000 EUR x 2/3 = 2.000 EUR.
|
D |
744 |
Diverse bedrijfsopbrengsten |
2.000 |
|
|
C |
493 |
Over te dragen
opbrengsten |
2.000 |
|
D |
493 |
Over te dragen
opbrengsten |
2.000 |
|
|
C |
744 |
Diverse bedrijfsopbrengsten |
2.000 |